Michel van Wanrooy

< — Terug

Soms komen er mensen op je pad die een onuitwisbare indruk bij je achterlaten, door wat zij meegemaakt hebben in hun leven, hoe bepaalde gebeurtenissen hen heeft gevormd en hoe zij niet alleen vertellen over de grote verandering die God in hun leven teweeg gebracht heeft, maar waar het bovenal zichtbaar aan is. Op het moment dat wij dit getuigenis van Michel opschrijven weet hij dat hij heel ernstig ziek is.

Tegen de tijd dat u dit leest is hij er misschien niet meer, Maar één ding is zeker: zijn getuigenis van wat Jezus voor hem gedaan heeft zal velen zeker aanspreken en de weg naar het eeuwige leven met zijn Heiland wijzen. Toen wij dit getuigenis op papier zetten bij Michel en zijn vrouw Marie was de tegenwoordigheid van God zo voelbaar dat wij verschillende malen het schrijven moesten onderbreken en God mochten loven en prijzen voor wat Hij heeft gedaan.

Opgetekend Jan Schmidt.

De oorlog
Mijn naam is Michel van Wanrooy. Ik ben geboren op 21-01-1932 in een woonwagen te Alkmaar in een gezin met dertien kinderen. Ik kan dus zeggen dat ik een echte ouwe reiziger ben. Ik wil mijn verhaal beginnen toen ik nog maar een jongen van nauwelijks acht jaar oud was. De oorlog was uitgebroken en zoals de meeste wel weten werden vele mannen van de wagens opgepakt om naar werkkampen in Duitsland gestuurd te worden. Dit gebeurde door middel van razzia’s.

Op een dag werd ook dit bij ons op het kamp gedaan. Ik herinner me nog dat mijn vader aan het stoelenmatten was, gelukkig kon hij nog net op tijd vluchten. Ook ik probeerde te vluchten maar de Duitse soldaten schoten op mij en ik werd gewond aan mijn handen en benen. Ik ben toen opgepakt en meegenomen naar een bureau in de Warmoesstraat te Amsterdam.
Ik ben zwaar mishandeld om mij maar te laten vertellen waar mijn vader zich schuil hield. Na een week werd ik bevrijd door de ondergrondse en moest ik onderduiken. Omdat er ook hongersnood was moesten wij vaak stelen om maar wat te eten te hebben.

Op een dag hadden ik en mijn vrienden een Duits voedseltransport overvallen. Wij lieten alle voorgaande auto’s passeren en de laatste auto overvielen wij. De bewaker van deze auto hebben wij met stokken bewusteloos geslagen. Toen hij bij kennis dreigde te komen heb ik hem met mijn mes doodgestoken. Ik was toen nog maar pas elf of twaalf jaar oud. Daarna begon voor mij een leven van zwerven door het gehele land, altijd was ik op de vlucht ook al omdat ik overal waar ik was ruzie kreeg en dat lag lang niet altijd aan de andere mensen. Zo verstreken de jaren. Ik geloof dat door alles bij wat ik heb meegemaakt een boze geest bij mij binnen gekomen was, die mij vaak tot een grote razernij aanzette die ik niet in de hand kon houden. Vele mensen die mij kenden waren bang voor mij. Ook beschikte ik over occulte gaven waar ik later in dit getuigenis wat over zal vertellen.

Het huwelijk van Michel en Marie
Op 24 november 1955 trouwt Michel met zijn Marie, er worden drie kinderen geboren twee meisjes en een jongen die inmiddels zelf alweer getrouwd zijn en een eigen gezin hebben. De tijd van geluk waar Michel naar opzoek was leek eindelijk aangebroken te zijn, maar hoe anders zou dit lopen.
Na enige gelukkige jaren begon ik zwaar te drinken verteld Michel en dan veranderde ik in een kwaadaardig en levens gevaarlijk persoon die absoluut geen controle over zichzelf meer had. Op een dag toen ik weer dronken was pakte ik mijn machine geweer en begon op mijn vrouw te schieten zonder dat er ook maar enige aanleiding voor was, ik wilde haar doden maar het is zeker dat God haar heeft beschermd zodat ik haar niet geraakt heb, terwijl ik door een boosaardige geest tot een woede werd gedreven die ik absoluut niet bedwingen kon. Ik wist mede door de drank niet meer wat ik deed.

Occulte bezigheden
Ik had gemerkt dat ik bepaalde gaven had, ik wist toen niet dat het veroorzaakt werd door een occulte geest. Zo kon het gebeuren dat ik soms mensen “genas” door mijn hand op zieke plaatsen te leggen en te bewegen waarna ik het afsloeg. Ook kwam ik s’nachts terwijl ik zelf op mijn bed lag uit mijn lichaam om mijn vijanden te proberen om te brengen, of ze andere dingen aan te doen.
Zijn vrouw Marie verteld; “In de jaren voor Michel zijn bekering was ik vreselijk bang voor hem. Wanneer hij gedronken had veranderde hij in een volkomen ander mens. Vele nachten heb ik op mijn manier gebeden en God gesmeekt onder tranen om een wonder, niet vermoedende dat God mijn gebed zou verhoren. Ik verloor in die tijd zoveel gewicht dat ik dacht: dit overleef ik niet. Zo gingen dagen maanden en jaren voorbij waarin het leven soms onleefbaar was geworden. Maar God heeft mijn gebed verhoord”.

Michel vertelt: Op een dag hoorde wij dat mijn schoonvader longkanker had en zijn wij er met de caravan naar toe gegaan. Marie vertelt: Mijn schoonzuster zei: ‘Laten wij naar Zwolle naar het kamp gaan, daar zijn christenen die geloven in Jezus en vragen voor gebed.’ Zo gingen wij dus naar Zwolle niet wetende dat dit Gods tijd voor ons zou zijn. Wij ontmoeten daar een predikant van de “woonwagen-zending”, Koop Wolters, en hij vroeg mij; Marie zou jij je leven niet aan Jezus willen geven en Hem aannemen als je Redder en Verlosser? Waarop ik antwoordde: ‘dat wil ik wel, maar ik durf niet voor Michel mijn man.’ Uiteindelijk heb ik het wel gedaan en toen ik terug ging vertelde ik het aan Michel en wonderlijk genoeg was hij heel kalm en zei dat hij dat ook wilde. Toen is Koop gekomen en heeft met Michel gesproken en het Evangelie uitgelegd en Michel heeft toen zijn leven overgegeven in de handen van Jezus. Nadat wij tot bekering waren gekomen heeft de Here Michel direct verlost van zijn drank verslaving. God heeft ons volkomen bevrijd en alle schuld en pijn van ons afgenomen, wij hebben een nieuw leven van Jezus gehad. Terwijl de tranen bij Michel en Marie over hun wangen lopen zegt Michel: Ik weet dat God mij alles vergeven heeft, maar ik heb zo’n enorme spijt, van wat ik de mensen heb aangedaan. Mijn dochters en hun mannen en hun kinderen dienen nu ook de Heer. Wat een verandering is er in mijn gezin gekomen.

Zending
Niet lang nadat Michel en zijn vrouw Marie tot geloof waren gekomen zijn zij in Gods dienst naar Roemenië gegaan, om daar te werken onder en voor de Roemeense zigeuners. Alles hadden zij over voor deze ongelukkige mensen. Vele tonnen kleding is er door hun handen gegaan om in te pakken en klaar te maken voor transport. Overal waar zij kwamen wisten zij allerlei materialen gratis los te krijgen voor deze mensen die zij in hun hart dragen en die zij heel erg lief hebben. Jaren hebben zij dit werk gedaan uit liefde en dankbaarheid voor Jezus. Totdat het niet meer ging.

Een dodelijke ziekte
Vraag: Michel op een bepaald moment heb je bericht gekregen dat je een kwaadaardige tumor in je maag had en niet lang meer te leven hebt. Hoe reageerde je daarop? Michel antwoordt: “Eerst was het natuurlijk een grote schok voor ons allen, maar daarna heb ik het over kunnen geven aan de Heer, en dat geeft ons veel rust en vertrouwen. Dat betekend voor mij dat de dag dat ik naar de Here zal gaan misschien wel spoedig zal komen, maar ik ben er niet bang voor omdat ik weet dat hij mij alles heeft vergeven. Ik ben gewassen door zijn bloed. Maar ik zou aan de andere kant toch ook nog graag bij mijn vrouw en kinderen blijven en samen met hen de Here dienen, maar dat ligt alles in Gods Hand.
Vraag: wat zou je de Lezers willen zeggen?.
Antwoord: Ik zou alle mensen die dit lezen toewensen dat zij ook in God gaan geloven en Jezus Christus aannemen als redder en verlosser, want zonder Jezus zijn we niets. Ik zou zonder Jezus niet meer kunnen en willen leven.

M. van Wanrooy.
Een echte ouwe reiziger (Woonwagenbewoner).